Skiën en Snowboarden

Skiën en snowboarden zijn twee erg populaire wintersporten die steeds meer beschikbaar worden voor het grote publiek. Vele wintersportgebieden groeien in omvang en steeds meer mensen leren skiën en snowboarden. Beide sporten worden al jaren beoefend bij de Olympische Spelen, maar ook als recreatief vermaak is het heel toegankelijk. Voornamelijk in landen als Oostenrijk, Zwitserland, Duitsland en Scandinavische landen zijn skiën en snowboarden erg populair, zowel bij de lokale bewoners als bij toeristen.

Skiën wordt gedaan op twee lange latten die worden bevestigd aan de skischoenen. Dit zijn zware, over het algemeen plastic schoenen die een optimale ondersteuning van de enkel geven. Daarnaast krijg je twee skistokken die helpen met evenwicht. Bij alpine skiën, de meest algemene vorm van skiën, wordt de ski aan de teen en hiel van de schoen vastgezet. Om op de berg te komen zijn er verschillende skiliften beschikbaar. Er is ook een soort skiën waarbij je zelf de berg op loopt, genaamd Nordic skiën. Deze ski’s zitten wel aan de teen vast, maar niet aan de hiel.

Snowboarden is dan net weer wat anders. Bij snowboarden sta je op één plank, het snowboard, met beide voeten vast. De schoenen zijn lichter en beter te vervormen dan skischoenen. Met welke voet je voor staat bepaald of je regular (links voor) of groofy (rechts voor) bent. Er zijn enorm veel verschillende stijlen van snowboarden. Zo heb je “jibbing”, “freeriding”, “freestyle”, alpine snowboarden en nog veel meer. Snowboarden draait meer om trucjes doen dan skiën. Het is dan ook geïnspireerd door een skateboard.

Geschiedenis van het skiën

Volgens oude schilderijen zou skiën meer dan honderd eeuwen geleden zijn uitgevonden in een gebied dat nu onder China valt. Het skiën zoals wij het vandaag de dag kennen lijkt echter afkomstig te zijn uit Scandinavië. Het woord “ski” is dan ook afkomstig van het Oud Noorse woord “skíð” wat “gespleten stuk hout” betekent. De eerste skistokken zijn te zien om een afbeelding uit 1741. Daarvoor werd er waarschijnlijk maar één stok of speer gebruikt.

Asymmetrische ski’s werden tot aan de late 19e eeuw gebruikt in Zweden en noordelijk Finland. Deze ski’s waren ongelijk van lengte. Aan het ene been had men een lange, rechte ski die gebruikt werd om mee van de berg te glijden. Deze ski ondersteunde het lichaamsgewicht van de skiër en was dus erg belangrijk. Daarom werd deze goed onderhouden met dierlijk vet, een soortgelijke manier van waxen als men nu nog doet. Aan het andere been had men een kleinere ski die werd gebruikt om mee te schoppen. De onderkant van deze ski was vaak bedekt met dierenhuiden.

Skiën was voornamelijk een manier van transport tot aan het midden van de 19e eeuw. Sinds toen wordt skiën meer beoefend als recreatieve sport en vermaak. In Noorwegen werden er gedurende de 18e eeuw militaire skiwedstrijden gehouden en oorlogvoering op de ski werd zelfs bestudeerd. Deze manier van oorlogvoering werd voor het eerst vastgelegd door een Deense historicus in de 13e eeuw. De snelheid en afstand die deze skiërs konden afleggen was vergelijkbaar met die van lichte cavalerie, maar beter aangepast aan de weersomstandigheden. Noorse mythologie vertelt over de god Ullr en de godin Skaoi die jagen op ski’s.

Toen de kwaliteit van het materiaal omhoogging, samen met de industriële revolutie, en er steeds meer skiliften kwamen om gemakkelijk op de berg te komen, ontstonden er twee soorten van skiën: Alpine en Nordic. Deze ontstonden rond de late 19e eeuw en begin 20e eeuw. Waar het vroeger nog vooral een sport voor de rijkere bovenlaag van de samenleving was, werd skiën langzamerhand steeds toegankelijker en betaalbaarder voor meer mensen. Hierdoor kwamen ook de eerste competities in skiën.

In 1809 was er de eerste ski springer, genaamd Olaf Rye. De eerste publieke wedstrijd werd gehouden in Noorwegen in 1843. Gedurende de gehele 19e eeuw kwamen er steeds meer competities voor verschillende soorten skiën. Ook werden er steeds meer ski clubs opgericht. Ook kwamen er rond deze tijd “ski tours” en steeds meer berg resorts gericht op skiërs uit de stad.

Geschiedenis van het snowboarden

Snowboarden heeft zich pas ontwikkeld na 1965, toen een vader uit Michigan, genaamd Sherman Poppen, twee ski’s aan elkaar maakte als nieuw speelgoed voor zijn dochters. Aan de achterkant bond hij een touw vast zodat hij ze vast kon houden als ze naar beneden gleden. Zijn vrouw noemde de uitvinding de “snurfer” en werd zo populair onder de vrienden van de dochters dat het idee verkocht werd aan een bedrijf dat een miljoen snurfers verkocht over de volgende tien jaar. In 1966 alleen werden al een half miljoen snurfers gekocht.

Snurfers werden al snel populair onder skateboarders. Eén van deze enthousiastelingen, Tom Sims, maakte als eerste een echt snowboard. Dit deed hij tijdens zijn techniek lessen op zijn middelbare school in New Jersey in 1960. Hij lijmde tapijt aan de bovenkant van een stuk hout, en aluminium aan de onderkant. Sims begon commercieel snowboards te maken in de jaren 70, en zo was de sport snowboarden geboren.

In 1977 bedacht Jake Burton Carpenter, een jongen uit Vermont die al vanaf zijn 14e enthousiast snurfde, bindingen voor op zijn snurfer waardoor zijn voeten aan het bord vast bleven zitten. In hetzelfde jaar begon hij Burton Snowboards, een merk dat nog steeds een van de grootste snowboard merken ter wereld is. Ze werden eerst gemaakt van een houten, flexibele plank met waterski bindingen. In 1979 deed hij hiermee mee aan het National Snurfing Championship in een eigen divisie, die hij won als enige deelnemer. Deze wedstrijd werd gezien als de eerste snowboard competitie.

In 1983 werd de eerste half pipe competitie gehouden in Californië. Deze werd onder andere georganiseerd door Tom Sims. In 1985 werd de eerste World Cup gehouden in Oostenrijk, waardoor snowboarden meer erkenning kreeg als een officiële, competitieve, internationale sport. Vijf jaar later werd de ISF opgericht om vaste regels in te stellen voor snowboard wedstrijden. In 1998 werd snowboarden voor het eerst een onderdeel van de Olympische Winterspelen.

Het duurde vrij lang voordat snowboarden werd geaccepteerd door skigebieden en soms zelfs door andere skiërs. De eerste snowboarders werden veelal van de piste gebannen door de parkopzichters, en moesten eerst een test afleggen voordat ze in de skiliften mochten. Toen de uitrusting en het materiaal verbeterde werd het langzaam meer geaccepteerd. Waar in 1985 snowboarden op nog maar 7% van de skigebieden was toegestaan, ligt dat tegenwoordig rond de 97%. De meeste gebieden hebben dan ook speciale jumps, half-pipes en andere stuntplekken special voor snowboarders.